De Veertien Aandachtsoefeningen vertolken het bodhisattva-ideaal, het ideaal van een leven in dienstbaarheid, geworteld in aandacht en mededogen. Thich Nhat Hanh heeft in 1966 zelf de Veertien Aandachtsoefeningen ontwikkeld in Vietnam en op basis daarvan de Orde van Interzijn gesticht. De Orde van Interzijn (Tiep Hien in het Vietnamees) is de gemeenschap van monniken, nonnen en leken die zich hebben voorgenomen te leven in overeenstemming met de Veertien Aandachtsoefeningen.
De Eerste Aandachtsoefening: Openheid
Bewust van het lijden veroorzaakt door fanatisme en onverdraagzaamheid , ben ik vastbesloten geen enkele leerstelling, theorie of ideologie, het boeddhisme inbegrepen, te verheerlijken of me eraan vast te klampen. Het boeddhistische onderricht is een leidraad om mijn inzicht te verdiepen en begrip en mededogen te ontwikkelen. Het is niet iets om voor te vechten, te doden of te sterven.
De Tweede Aandachtsoefening: Niet gehecht zijn aan opvattingen
Bewust van het lijden veroorzaakt door gehechtheid aan opvattingen en verkeerde waarnemingen, ben ik vastbesloten niet klein van geest te zijn, noch vast te houden aan de opvattingen van dit moment. Ik wil leren mijn gehechtheid aan opvattingen te laten varen, zodat ik open kan staan voor de inzichten en ervaringen van anderen. Ik ben me er van bewust dat de kennis die ik nu bezit geen onveranderlijke, absolute waarheid is. De waarheid kan alleen maar in het leven zelf gevonden worden. Daarom zal ik het leven in mij en om me heen voortdurend onderzoeken, vanuit de bereidheid mijn leven lang te blijven leren.
De Derde Aandachtsoefening: Vrijheid van denken
Bewust van het lijden dat ik veroorzaak als ik mijn opvattingen aan anderen opdring, heb ik het oprechte voornemen om niemand, zelfs mijn kinderen niet, te dwingen mijn opvattingen aan te nemen, door gebruik te maken van gezag, dreigementen, geld, propaganda, indoctrinatie, of welk ander middel dan ook. Ik zal het recht van anderen om anders te zijn, respecteren, evenals hun recht zelf te bepalen wat ze willen geloven en hoe ze willen leven. Ik wil echter door middel van een liefdevolle dialoog anderen helpen hun fanatisme en kortzichtigheid op te geven.
De Vierde Aandachtsoefening: Besef van het lijden
Bewust dat diep inzicht in de aard van het lijden mij kan helpen mededogen te ontwikkelen en een weg uit het lijden te vinden, ben ik vastbesloten leed niet uit de weg te gaan of mijn ogen ervoor te sluiten. Ik heb het oprechte voornemen manieren te vinden –zoals persoonlijk contact, beeld of geluid- om samen te zijn met hen die lijden, zodat ik hun situatie diepgaand kan begrijpen en hen kan helpen hun lijden te transformeren tot mededogen, vrede en vreugde.
De Vijfde Aandachtsoefening: Eenvoudig en gezond leven
Bewust dat werkelijk geluk geworteld is in vrede, stabiliteit, vrijheid en mededogen en niet in weelde of roem, ben ik vastbesloten roem, winstbejag, weelde, of zintuigelijk genot niet tot doel van mijn leven te maken en geen rijkdom te vergaren terwijl miljoenen mensen van honger sterven. Ik heb het oprechte voornemen om eenvoudig te leven en mijn tijd, energie en materiele middelen te delen met hen die gebrek lijden. Ik zal bewust stilstaan bij wat ik consumeer en geen alcohol, drugs of andere middelen gebruiken die mijn lichaam en mijn geest vergiftigen en zo ook de gemeenschap beschadigen.
De Zesde Aandachtsoefening: Omgaan met boosheid
Bewust dat boosheid communicatie blokkeert en lijden veroorzaakt, ben ik vast besloten om kwaadheid die in mij opkomt met zorg te omringen en de zaden van boosheid, die diep in mijn bewustzijn verscholen liggen, te herkennen en te transformeren. Ik ben vast besloten niets te zeggen of te doen als ik boosheid voel opkomen. In plaats daarvan zal ik mijn aandacht op mijn ademhaling of mijn voetstappen richten en mijn boosheid erkennen en omarmen en de diepere oorzaak ervan leren begrijpen. Ik wil leren met de ogen van mijn hart te kijken naar hen die ik als de oorzaak van mijn boosheid zie.
De Zevende Aandachtsoefening: Hier en nu gelukkig zijn
Bewust dat het leven slechts geleefd kan worden in het huidige moment en dat het mogelijk is om hier en nu gelukkig te zijn, heb ik het oprechte voornemen te leren ieder moment van mijn dagelijks bestaan ten volle te leven. Ik zal proberen mezelf niet te verliezen in wat er om mij heen gebeurt en mij niet te laten meeslepen door spijt over het verleden, zorgen voor de toekomst, en de verlangens, boosheid en jaloezie in het heden. Ik zal, door bewust adem te halen, terugkeren naar wat er in het nu gebeurt. Ik ben vastbesloten me de kunst van het leven in aandacht eigen te maken door in contact te treden met het wonderbaarlijke, verfrissende en helende in mijzelf en om mij heen en door de zaden van vreugde, vrede, liefde en begrip te voeden. Zo ondersteun ik het proces van transformatie en heling in mijzelf.
De Achtste Aandachtsoefening: Communicatie en de gemeenschap
Bewust dat een gebrek aan communicatie altijd verwijdering en lijden veroorzaakt, heb ik het oprechte voornemen mezelf te oefenen in luisteren met mededogen en liefdevol spreken. Ik wil leren diepgaand te luisteren zonder te oordelen of te reageren en zal mezelf ervan weerhouden woorden te gebruiken die tot onenigheid kunnen leiden of het uiteenvallen van de gemeenschap veroorzaken. Ik zal alles in het werk stellen om de communicatie open te houden en alle conflicten - hoe klein ook - op te lossen en tot verzoening te brengen.
De Negende Aandachtsoefening: Waarachtig en liefdevol spreken
Bewust dat woorden lijden of geluk kunnen veroorzaken, heb ik het oprechte voornemen om te leren waarachtig en opbouwend te spreken en alleen die woorden te kiezen die bijdragen tot hoop en vertrouwen. Ik ben vastbesloten geen onwaarheden te verkondigen uit eigen belang of om indruk te maken, en geen woorden te gebruiken die verdeeldheid of haat te weeg kunnen brengen. Ik zal geen geruchten verspreiden, noch dingen bekritiseren of veroordelen waarvan ik niet zeker ben. In situaties van onrecht zal ik mijn best doen mijn stem te laten horen, ook al zou ik hiermee mijn eigen veiligheid op het spel zetten.
De Tiende Aandachtsoefening: De Sangha beschermen
Bewust dat het wezen en het doel van een sangha gelegen zijn in het ontwikkelen van begrip en mededogen, ben ik vast besloten om de boeddhistische gemeenschap niet te gebruiken voor persoonlijk gewin, of te veranderen in een politiek instrument. Een spirituele gemeenschap moet echter duidelijk stelling nemen tegen onderdrukking en onrecht en er naar streven deze misstanden te veranderen, zonder hierbij partij te kiezen.
De Elfde Aandachtsoefening: Het juiste levensonderhoud
Bewust dat onze leefomgeving en samenleving lijden onder veel geweld en groot onrecht, heb ik het oprechte voornemen geen beroep uit te oefenen dat schadelijk is voor mens en natuur. Ik zal mijn best doen een vorm van levensonderhoud te vinden die mij helpt mijn ideaal van begrip en mededogen te verwerkelijken. Bewust van de economische, politieke en sociale toestand in de wereld, zal ik mij als consument en burger verantwoordelijk gedragen door niet te investeren in ondernemingen die anderen van hun levenskansen beroven.
De Twaalfde Aandachtsoefening: Eerbied voor het leven
Bewust dat oorlog en strijd veel lijden veroorzaken, ben ik vastbesloten in mijn dagelijks leven geweldloosheid, begrip en mededogen te ontwikkelen. Ik wil me inzetten voor vredesopvoeding, conflictbemiddeling en verzoening in families, gemeenschappen, volkeren en de wereld. Ik ben vastbesloten niet te doden en niet toe te laten dat anderen doden. Ik zal mij met mijn sangha wijden aan het verkrijgen van een steeds dieper inzicht in de mogelijkheden die er zijn om het leven te beschermen en oorlog te voorkomen.
De Dertiende Aandachtsoefening: Vrijgevigheid
Bewust van het lijden dat veroorzaakt wordt door uitbuiting, sociaal onrecht, diefstal en onderdrukking, heb ik het oprechte voornemen zorgzaamheid te ontwikkelen en te leren hoe ik me in kan zetten voor het welzijn van mensen, dieren, planten en mineralen. Ik wil leren vrijgevig te zijn door mijn tijd, energie en materiele middelen te delen met hen die dat nodig hebben. Ik ben vastbesloten niet te stelen en me niets toe te eigenen dat eigenlijk een ander toebehoort. Ik zal het eigendom van anderen respecteren, maar trachten te voorkomen dat anderen munt slaan uit het lijden van mensen of andere levende wezens.
De Veertiende Aandachtsoefening: Verantwoordelijk gedrag
Bewust dat seksuele relaties, ingegeven door hunkering, gevoelens van eenzaamheid niet kunnen oplossen, maar juist meer lijden, frustratie en isolement veroorzaken, ben ik vastbesloten geen seksuele relatie aan te gaan zonder wederzijds begrip, liefde en een duurzame verbintenis. Ik ben mij ervan bewust zijn dat seksuele relaties in de toekomst lijden kunnen veroorzaken. Om het geluk van mezelf en anderen te beschermen, zal ik de rechten en verbintenissen van mijzelf en anderen respecteren. Ik zal alles doen wat in mijn vermogen ligt om kinderen te beschermen tegen seksueel misbruik, en ik zal trachten te voorkomen dat paren en gezinnen uiteen vallen door onverantwoord seksueel gedrag. Ik zal mijn lichaam met respect behandelen en met zorg omgaan met de levensenergie die huist in mijn seksualiteit, adem en geest, zodat ik mijn Bodhisattva-ideaal kan verwezenlijken. Ik ben me ten volle bewust van de verantwoordelijkheid die ik op me neem als ik een nieuw mens verwek en zal stilstaan bij de wereld waarin nieuw leven geboren wordt.
Nieuwe vertaling , februari 2010
| < Vorige |
|---|
| EIAB |
| Plum Village |
| Wake Up |
| Parallax Press |
| Mindful Kids |